ARABEL

Belgische Arachnologische Vereniging

Foto van de maand (Maart 2022)

29/03/2022 | Foto van de maand

Erigone sp. met tiptoe-gedrag, zijdedraden (foto: © Richard Louvigny en Bram Vanthournout).

Mistig weer is ideaal om webben of zijdedraden van spinnen te spotten! De dauwdruppels maken het mogelijk om de anders zo goed als onzichtbare spindraden duidelijk merkbaar te maken. Deze draden zijn het resultaat van heel opmerkelijk spinnengedrag. Op warme, zonnige dagen met net genoeg wind verplaatsen spinnen zich niet te poot, maar kunnen ze vliegen! Ze zoeken een hoger gelegen punt, gaan op gestrekte poten staan (“tiptoe”) en gebruiken het elektrisch veld van de Aarde en de opstijgende warme lucht om een zijden draadje met de wind te laten meedrijven. Op die manier worden ze met de wind meegevoerd, dit heet ballooning. Vaak blijft het echter bij proberen en wordt de lanceerprocedure vroegtijdig afgebroken. Het resultaat van die probeersels zijn honderden spinnendraden op weidepalen, prikkeldraad, gras, …

Europese spin van het jaar 2022

21/01/2022 | Europese spin van het jaar

Trommelwolfspin, Hygrolycosa rubrofasciata (Ohlert, 1865)

De Trommelwolfspin, Hygrolycosa rubrofasciata (Ohlert, 1865) (fotos 1-3), behoort tot de familie van de wolfspinnen (Lycosidae). Wereldwijd telt die familie 2440 soorten. In Europa zijn 352 soorten aangetroffen, waarvan 47 ook in België. Het genus Hygrolycosa bevat slechts 5 soorten wereldwijd en twee in Europa, waarvan Hygrolycosa strandi enkel in Griekenland gevonden wordt. De Trommelswolfspin is dus de enige vertegenwoordiger van deze groep voor heel Centraal-Europa.

Trommelwolfspin vrouwtje in vochtig habitat ©Arno Grabolle (foto 1)

Bedreigde soort

De Trommelwolfspin komt verspreid voor in het Palearctisch gebied. In Centraal-Europa is het een typische soort van vlaktes en voorgebergten (tot 800 m boven zeeniveau). In Oostenrijk bijvoorbeeld, is het één van de zeldzaamste soorten met slechts enkele waarnemingen uit Vorarlberg, Styrië en Burgenland. De vondsten zijn steeds gedaan in het typische habitat van de soort. Dat is alleszins vochtig en de Trommelwolfspin wordt dus enkel gevonden in (semi-)natuurlijke plaatsen als veen, moeras, natte weilanden of vochtige (vallei-)bossen. Omwille van de toenemende bedreiging en vernietiging van verschillende van deze habitats, wordt de Trommelwolfspin in veel Rode Lijsten van bedreigde plant- en diersoorten opgenomen. Zo kreeg ze de status van ‘met uitsterven bedreigd’ in Oostenrijk en ‘bedreigd’ in Duitsland en België.

In België heeft de Trommelwolfspin een uitgesproken ‘oostelijke’ verspreiding. Van West-Vlaanderen is welgeteld één geverifieerde vindplaats bekend (Houthulst). Van Oost-Vlaanderen zijn er twee niet-geverifieerde meldingen. Het zwaartepunt van de verspreiding ligt duidelijk in het noordoosten van ons land (zie verspreidingskaart ARADAT). Daar zijn vooral vochtige heideterreinen met voldoende droog bladafval (vaak berkenbladeren) niet zelden de geliefkoosde habitat.

Verspreiding Trommelwolfspin in januari 2022 volgens ARADAT (Oost-Vlaamse waarnemingen gemeld via waarnemingen.be)

Seksuele verschillen

De lichaamslengte van de Trommelwolfspin bedraagt 5 à 6 mm. Het verschil tussen mannetjes en vrouwtjes is niet zozeer af te leiden uit een verschil in grootte (bij veel spinnen is het vrouwtje groter), maar eerder uit een verschil in kleur en tekening. De mannelijke spin is donkerder van kleur. Het kopborststuk heeft drie vage blekere lengtestrepen. Het achterlijf is meestal donkerbruin, maar soms ook lichter (foto 2 & 3), met vier lengtestrepen die bestaan uit min of meer verbonden witte vlekjes. De poten zijn tweekleurig zwart-lichtbruin. De vrouwtjes hebben een lichtbruin tot groenig kopborststuk met twee donkere lengtebanden en twee smallere vlekkenrijen. Het achterlijf is ook bleekgekleurd en de poten zijn bleek met duidelijke donkere vlekken (foto 1).  

Trommelwolfspin mannetje © Gilbert Loos en Ludwig Jansen (foto 2 en 3).

Liefdestrommel

Zoals de meeste wolfspinnen, bouwt de Trommelwolfspin geen web, maar vangt ze haar prooi vooral overdag door passerende insecten te overvallen of zelfs kort te achtervolgen. 

Tijdens het paarseizoen in de lente trommelen de mannetjes met hun achterlijf op droge bladeren, waarbij ze een geluid produceren dat zelfs voor de mens hoorbaar is als een ‘snorrend’ trommelgeluid (voorbeeld van opname: https://waarnemingen.be/sounds/123023/). Logischerwijs heeft de soort hieraan haar Nederlandse naam te danken. De vrouwtjes horen het geroffel via speciale organen (‘slit sensilla’) die enkel bij spinachtigen voorkomen. Onderzoek toonde aan dat mannetjes die het meest trommelen uiteindelijk de voorkeur krijgen van de vrouwtjes.

Na de paring maakt het vrouwtje een eicocon die zo’n 60 eitjes bevat. Vrouwelijke wolfspinnen staan bekend voor hun zorgzame broedgedrag. Ze dragen de eicocon mee aan de spintepels achteraan het achterlijf. Nadat de jongen zijn uitgekomen, klimmen die op de rug van hun moeder, die ze ook nu weer overal met zich meedraagt. De jongen van de Trommelwolfspin doen hier vreemd genoeg iets anders: zij klampen zich niet vast aan de rug van de moeder, maar wel aan de lege eicocon. Mogelijk is dit een aanpassing aan de vochtige habitats waarin ze leven. Het spinsel van de eicocon zou meer waterafstotend zijn dan het achterlijf van het vrouwtje en daarom zou het voor de jongen interessanter kunnen zijn om op de lege cocon te zitten.

Volwassen trommelwolfspinnen kunnen gevonden worden van maart tot november. Mannetjes sterven doorgaans na de paring, maar vrouwtjes overleven vaak nog de winter.

Verwante soorten

In (Centraal) Europa is de Trommelwolfspin de enige soort van haar genus en ze is -bij nader toekijken en zeker bij vergroting onder een loep- redelijk goed te identificeren op basis van haar kleur en tekening. Onervaren waarnemers kunnen haar mogelijk wel verwarren met de Gewone stekelpoot (Zora spinimana, familie Miturgidae), die in vergelijkbare habitats wordt gevonden (foto 4).   

Gewone stekelpoot (Zora spinimana) © Ludwig Jansen (foto 4)

Waarom werd de Trommelwolfspin verkozen als Europese spin van het jaar?

Deze sterk bedreigde soort, die in landen als Oostenrijk bijna is uitgestorven, moet onze aandacht vestigen op de effecten van het verdwijnen van haar habitat, in dit geval het verdrogen van veen. Dit is bijzonder relevant in het kader van de klimaatverandering, onder meer omdat aangetoond is dat venen erg belangrijk zijn voor koolstofopslag.

Daarnaast is het natuurlijk gewoon bijzonder en vreemd tegelijk om een spin effectief te horen drummen. Ook het afwijkende gedrag van de pas uitgekomen jongen, namelijk het feit dat ze zich vastklampen aan de lege cocon ipv aan hun moeder, is het noteren waard. 

Met deze keuze van een Europese spin van het jaar, willen we niet alleen een ‘onpopulaire’ diergroep promoten en de aandacht vestigen op belangrijke bedreigde habitats, maar tegelijk hopen we dat meer waarnemers oog zullen hebben voor de gekozen soort en deze melden. Die nieuwe verspreidingsinformatie kan voor verschillende doeleinden nuttig zijn.

Ga dus gerust op zoek naar deze intrigerende soort en meldt eventuele waargenomen exemplaren door ze te fotograferen en in te voeren op de meldingssite van Natuurpunt: www.waarnemingen.be.

De Europese Spin van het Jaar wordt verkozen door 84 arachnologen uit 27 Europese landen. De coördinatie van de stemming gebeurt door het Naturhistorisches Museum Wien, samen met het ‘Arachnologisches Gesellschaft’ (AraGes) en de European Society of Arachnology (ESA).

Voor België is het de Belgische Arachnologische Vereniging ARABEL die de organisatie op zich neemt.

Christoph Hörweg & Koen Van Keer

Foto van de maand (December 2021)

31/12/2021 | Foto van de maand

Enoplognatha ovata (Clerck, 1757) met prooi en eicocon (fotos: ©Bram Vanthournout).

De Gewone tandkaak (Enoplognatha ovata, of E. latimana want deze soorten kunnen enkel onderscheiden worden door genitaal-onderzoek) maakt een ijl web onder bloemen waar ze in een hinderlaag wacht op insecten die aangetrokken worden tot de nectar. Hoewel het een bijna breekbare spin lijkt met lange, dunne poten kan ze verrassend grote prooien zoals zweefvliegen aan! Je kan ze terugvinden in drie verschillende kleurvormen: volledig wit/geel, met twee rode strepen of met een grote rode vlek op de rug. Op het eind van de zomer legt het vrouwtje een blauwe eicocon in een zelf opgerold blad die ze bewaakt totdat de jongen uitkomen!

Foto van de maand (November 2021)

10/11/2021 | Foto van de maand


Araneus diadematus (Clerck, 1757) met duidelijk kruispatroon (foto: ©Bram Vanthournout en Ludwig Jansen).

De kleur bij de kruisspin (Araneus diadematus) wordt geproduceerd door twee verschillende mechanismen: de achtergrondkleur wordt bepaald door de hoeveelheid van een donker pigment. Het typerende kruis ontstaat doordat kleine guaninekristallen het licht sterk reflecteren en zo een helder witte kleur produceren. Hierdoor kan je kruisspinnen in verschillende kleuren terugvinden, van heel lichte tot heel donkere individuen.

>